Tekst: Esmée Koeleman en Tim de Jong 
Foto's: Esmée Koeleman

Zware metalen in je achtertuin en 25 procent meer kans op longkanker. Het zou maar door je buurman komen. Toch bleef landelijke verontwaardiging over de vervuiling door Tata Steel in Wijk aan Zee lang uit. Het plaatselijke burgerinitiatief Frisse Wind heeft dat veranderd. Wat krijgen zij precies voor elkaar? En hoe doen ze dat?
In het voorjaar van 2020 loopt een groep bezorgde ouders met witte papiertjes met magneten eronder door Wijk aan Zee, een badplaats in de provincie Noord-Holland met zo’n 2200 inwoners en een hechte dorpsgemeenschap. Het is een geliefde surfspot, met meerdere hotels, restaurants en terrasjes die zijn omgeven door duinen en bossen. 
Boven de idyllische witte huisjes met gekleurde luifels torenen de schoorstenen van Tata Steel uit. Het kolossale terrein van de staalfabriek is meer dan tien keer zo groot als het dorp. De ouders die in 2020 met magneten door het dorp lopen, willen weten of het zwarte stof dat ze overal zien liggen daar vandaan komt. Eén van de dorpelingen had een put in de tuin vol met ‘zwarte prut’. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) adviseerde om een magneet in te pakken in een wit papiertje en het tegen het stof te houden. Blijft er zwart stof aan hangen, dan is het zeer waarschijnlijk ijzer van de staalfabriek.
Eenhoornseeuw
Voor Sanne Walvisch (47) is het een dag waar ze niet graag aan terugdenkt. Aan haar keukentafel, op slechts 500 meter van Tata Steel, vertelt ze dat ze met een vriendin de speeltuin testte waar hun kinderen veel speelden. “Er bleven grote brokken ijzer aan de magneet hangen. Door het RIVM wisten we dat daar weer allemaal giftige stoffen aan plakken. We hebben zitten huilen in het zand.”

Er ligt altijd wel stof in Wijk aan Zee, vertelt Walvisch, die medeoprichter is van Frisse Wind, een burgerbeweging tegen Tata Steel. Maar tot de ‘grafietregens’ in 2018 en 2019 had ze er nooit aan gedacht dat het stof gevaarlijk kon zijn. In die periode zijn er regelmatig zwarte stofwolken vol zware metalen die van het Tata Steel-terrein naar Wijk aan Zee waaien. “Mijn dochter noemde het eenhoornsneeuw, omdat de hele straat een soort glitterlaagje had”, vervolgt Walvisch. Maar na onderzoek van het RIVM in 2019 blijkt dat mensen er hoestklachten en benauwdheid door kunnen krijgen. Op lange termijn kan het metaal de ontwikkeling van de hersenen van jonge kinderen beïnvloeden. Bovendien kunnen de stofwolken meerdere PAK’s bevatten: kankerverwekkende stoffen die ook in aangebrand voedsel en sigarettenrook zitten. 


Een jaar later concludeert de GGD dat er in de directe omgeving van Tata Steel 25 procent meer longkanker voorkomt dan op andere plekken in Nederland. Ook weten we inmiddels door berekeningen van het RIVM dat mensen in Wijk aan Zee gemiddeld twee en een halve maand korter leven door het fijnstof en de stikstofdioxide afkomstig van het Tata Steel-terrein.
Subsidiefuik
Tot de grafietregens had Walvisch een onbezorgd leven in Wijk aan Zee. Haar man is surfer en zo werden ze verliefd op het dorp. Toen ze de kans kregen er naartoe te verhuizen, grepen ze die met beide handen aan. “We kwamen terecht in een heel hechte community. De kinderen konden heerlijk buiten spelen en als ze met zwarte voeten terugkwamen, dachten we gewoon: van buitenspelen word je vies.” 
Walvisch is directielid van de Openbare Bibliotheek Amsterdam (OBA), daarvoor vertolkte ze jarenlang innovatie- en strategiefuncties bij verschillende media, zoals de NOS en het Financieel Dagblad. Na de dag met de magneten besloot ze mede-aanvoerder te worden van het groeiende verzet van omwonenden tegen de giftige uitstoot van Tata Steel. Met stichting Frisse Wind organiseerde Walvisch onder andere een succesvolle petitie om de speeltuinen in het dorp schoon te laten maken op kosten van Tata Steel, een massaschadeclaim en diverse andere rechtszaken tegen de multinational.
Het staalbedrijf ontstond in 1918 als de Koninklijke Nederlandsche Hoogovens en Staalfabriek. Na meerdere fusies kwam het in 2007 in handen van het Indiase Tata Steel. Op het fabrieksterrein tussen IJmuiden en Wijk aan Zee worden grondstoffen bewerkt voor onder andere de auto-industrie. Hiermee draagt Tata Steel naar eigen zeggen jaarlijks bijna 1 miljard euro bij aan de Nederlandse schatkist

Tata Steel profiteert al jaren van honderden miljoenen aan fossiele subsidies

Daartegenover staat dat de staalfabriek al jaren profiteert van honderden miljoenen aan fossiele subsidies per jaar, zoals belastingvrijstellingen voor het gebruik van aardgas, kolen en olie. In het najaar van 2025 sloten het kabinet en de staalfabriek bovendien een miljardendeal om het bedrijf te vergroenen. Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen, een onafhankelijk kenniscentrum, noemt de deal een ‘subsidiefuik voor de overheid’ omdat Tata Steel de voorwaarden naar haar hand heeft weten te zetten. De overheid heeft bijvoorbeeld toegezegd om windparken direct aan te sluiten op Tata Steel, en zal daardoor jaarlijks kosten maken om het staalbedrijf van energie te voorzien. Bovendien mag Tata de deal om verschillende redenen opzeggen, bijvoorbeeld als er een nationale belasting op CO2-uitstoot komt.
Klapstoelenprotest
In september 2020 staan er in een weiland naast Tata Steel zo’n driehonderd klapstoelen waar papiertjes op geplakt zijn met ingezonden teksten van bezorgde omwonenden: ‘Genoeg is genoeg’, ‘Ik heb longkanker’ en ‘Wanneer kunnen wij weer normaal buitenspelen, zonder zwart van de trampoline te komen?’ Het ‘klapstoelenprotest’, dat Sanne Walvisch met een groep medebewoners organiseert, is een manier om te demonstreren midden in coronatijd. Aanleiding is een onderzoek van het RIVM waaruit blijkt dat er in het najaar van 2020 vier keer meer kankerverwekkende stoffen in de lucht zitten rond Tata Steel dan het jaar ervoor.

Tata Steel sponsort van alles in het dorp, van scholen tot speelplaatsen

Een dag na het protest schrijft de Volkskrant dat de stilte die dag ‘kon openscheuren’. Walvisch: “Het was voor veel mensen de eerste keer dat ze zich in het openbaar uitspraken tegen de fabriek. In die tijd was dat niet gebruikelijk. Sterker nog, als je dat wel deed, werd je daar door dorpsgenoten vaak op aangekeken. Je moest vooral niet zeuren, je was zelf naast die fabriek komen wonen.” En zelfs nu is kritiek op Tata Steel nog niet vanzelfsprekend. “Veel dorpsgenoten werken in de fabriek of kennen mensen die er werken. En lokale instanties spreken zich ook niet snel uit, want Tata Steel sponsort van alles in het dorp, van scholen tot speelplaatsen.”
Kort na het klapstoelenprotest richt Walvisch met dorpsgenoten Jaap Venniker en Antoinette Verbrugge Frisse Wind op. Vanaf dan zijn ze een officiële stichting die namens inwoners van de IJmond – de gemeenten rondom Tata Steel – strijdt voor gezonde lucht, schoon water, een veilige omgeving en een duurzame toekomst. 
Toxic Tata Tour 
Al sinds de magneetjes pioniert Frisse Wind – onbewust – met een aanpak die de stichting nu ‘een gamechanger’ noemt. Ze zetten in op ‘burgerwetenschap’, waarmee ze niet alleen kennis vergaren, maar ook aansporen tot actie. Met als belangrijkste element: camera’s die midden in de duinen staan en pal op de fabriek zijn gericht.
“Daar moeten we naar boven, en dan ga ik hier even parkeren”, zegt Hans Dellevoet (59) terwijl hij wijst naar een duin. De gepensioneerde KLM-piloot rijdt ons rond door Wijk aan Zee, als onderdeel van zijn ‘Toxic Tata Tour’, die hij aan journalisten en andere geïnteresseerden aanbiedt. Hij zet zich in de dorpsraad al achttien jaar in voor de leefbaarheid van het dorp, en houdt zich vooral bezig met Tata Steel. De dorpsraad zit regelmatig met de staalfabriek om tafel om te bespreken wat er volgens hen zou moeten gebeuren om de overlast te beperken.
Net als Walvisch en veel andere dorpsbewoners, had Hans Dellevoet geen idee waar hij in terecht zou komen toen hij begin deze eeuw naar Wijk aan Zee verhuisde. “Als je hier wil gaan wonen, staat er geen bord met ‘U betreedt levensgevaarlijk terrein’.” Hij ging ervan uit dat de overheid alles keurig netjes geregeld had. “Er zijn regels, er is toezicht. En dan kom je er langzaam maar zeker achter dat ze het hier helemaal niet zo goed in de hand hebben.”
Op zijn witte sneakers en in zijn lichtblauwe polo loopt Dellevoet voorop de duinovergang over. “Het is even een klimmetje”, zegt hij hijgend. Eenmaal boven zien we het bedrijfsterrein van Tata Steel liggen. Tussen het helmgras staat een bunker met camera’s, gericht op de fabriek. Met die camera’s houdt Frisse Wind sinds maart 2022 de gifwolken in de gaten die regelmatig uit de fabriek ontsnappen. De camera’s zijn betaald met donaties aan de stichting en geplaatst op privéterrein van een van de bestuurders van Frisse Wind, Jaap Venniker.

Een bruine, gele of oranje wolk kan wijzen op een te hoge uitstoot van bepaalde stoffen, zoals gasvormig kwik

Dankzij de beelden kan iedereen 24 uur per dag via livestreams op YouTube meekijken naar de uitstoot van Tata Steel. Een witte wolk duidt op stoom en is dus onschuldig, maar een bruine, gele of oranje wolk kan wijzen op een te hoge uitstoot van bepaalde stoffen, zoals gasvormig kwik. Een zwarte wolk kan zelfs duiden op de uitstoot van zogenoemde rauwe kooks; als steenkool onvoldoende verhit is geweest komen er zeer gevaarlijke stoffen vrij, zoals kankerverwekkende PAK’s. De staalfabriek heeft daar geen vergunning voor. Frisse Wind meldt verdachte wolken bij de Omgevingsdienst en moedigt mensen aan om dat zelf ook te doen. 
Een aantal jaar vóór de installatie van de camera’s klonk er al een schreeuw vanuit de omgeving, vertelt Dellevoet in de duinen, turend naar de fabriek. “Want mensen zien van alles, ruiken van alles en melden dat bij de Omgevingsdienst. Maar daar gebeurde niks mee.” De Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied is verantwoordelijk voor het toezicht op Tata Steel en andere bedrijven die gevestigd zijn in deze regio. De overheidsinstantie controleert onder andere of bedrijven zich aan de milieuregels houden en burgers kunnen er een melding maken als zij overlast ervaren. Maar de Omgevingsdienst gaf volgens Dellevoet telkens aan dat haar medewerkers niet konden constateren waar die overlast vandaan kwam.
Tot het moment dat Frisse Wind met camera’s toezicht begint te houden. “Toen stonden ze met hun broek op hun enkels”, vertelt Dellevoet. Meldingen van stank- en stofoverlast kunnen nu gekoppeld worden aan de beelden van gifwolken. Met succes. Een half jaar nadat Frisse Wind de camera’s installeerde, legt de Omgevingsdienst een dwangsom op van 100.000 euro voor elke keer dat Tata Steel rauwe kooks uitstoot. Inmiddels heeft Tata Steel daar al negen van betaald.
De camera’s zorgen er ook voor dat Tata Steel zelf niet meer om het bewijs heen kan. De fabriek is wettelijk verplicht om meldingen te doen van stoffen, geuren of wolken die niet vrij horen te komen. In de twaalf maanden na de start van het cameratoezicht doet Tata Steel 1236 keer een melding van dit soort ‘ongewone incidenten’. Dat is vijf keer meer dan in de twaalf maanden ervoor, toen de fabriek 268 keer zo’n melding deed. De Omgevingsdienst besluit daarop om Tata Steel onder verscherpt toezicht te plaatsen en zelf ook camera’s te plaatsen.
Onjuiste meetgegevens
Waarom zouden burgers een bedrijf als Tata Steel zelf in de gaten moeten houden? De verantwoordelijkheid om te meten wat en hoeveel grote fabrieken uitstoten ligt in de Europese Unie bij de bedrijven zelf. Die regel geldt voor bedrijven in onder meer de energiesector, chemische industrie, intensieve veeteelt en de metaalsector.
Tata Steel houdt inderdaad uitstootgegevens bij, maar die blijken vaak niet te kloppen. Zo concludeert de Omgevingsdienst in 2021 dat Tata zonder vergunning kwik in het riool loost, zonder daarover te rapporteren. In 2025 constateert de overheidsdienst dat Tata Steel de emissienormen van zware metalen zoals nikkel en lood fors overschrijdt. 
Zelf faalde de Omgevingsdienst bovendien jarenlang als toezichthouder. In 2021 blijkt uit onderzoek van de Randstedelijke Rekenkamer dat klachten van omwonenden aan de Omgevingsdienst niet serieus genoeg werden genomen en dat het toezicht en de handhaving tekortschoten. De Omgevingsdienst had volgens het rapport meer kunnen doen om de uitstoot van Tata Steel tegen te gaan. Zo greep de dienst niet op tijd in bij overtredingen en werden dwangsommen niet tijdig geïnd, waardoor ze vervielen.
Met behulp van burgerwetenschap heeft Frisse Wind de effecten van de uitstoot van Tata Steel aan het licht gebracht. Minstens drie boetes van 100.000 euro die de Omgevingsdienst oplegde aan het staalconcern zijn te danken aan de camerabeelden van de stichting. Ook in de rechtszaken die Frisse Wind aanspant tegen Tata Steel zijn de camerabeelden onderdeel van de bewijslast. ​​​​​​​
Vechten of vluchten
Hoeveel succes deze rechtszaken zullen hebben, is nog onduidelijk. In 2021 doet Frisse Wind aangifte tegen Tata Steel namens meer dan 1200 mensen en twaalf stichtingen, waaronder Greenpeace, wegens het opzettelijk uitstoten van stoffen die kankerverwekkend of anderszins schadelijk zijn. In 2022 begint het Openbaar Ministerie daarom een strafrechtelijk onderzoek, dat nog steeds loopt. 
Ook eist de stichting eind 2025 een schadevergoeding van minstens 1,4 miljard euro van Tata Steel. Het gaat om schade die omwonenden hebben opgelopen aan hun gezondheid, materiële schade aan bijvoorbeeld woningen, en immateriële schade zoals stress, angst voor ziekte en hinder door stank- en geluidsoverlast.
Al deze zaken vereisen inzet en medewerking van anderen, zoals de honderden bewoners die samen de camera’s crowdfunden, de procesfinanciers die de juridisch complexe massaclaim financieren, medewerkers van ngo’s zoals Greenpeace, en een groot netwerk van experts. Zo krijgt Frisse Wind hulp van oud-werknemers van Tata Steel, die met hun technische kennis gifwolken kunnen duiden.
Hoewel Walvisch trots is op alle successen die ze met Frisse Wind heeft behaald, waarbij burgerwetenschap volgens haar ‘echt een breekijzer’ is geweest, vraagt het ook veel van haar. “Hoeveel burgers hebben nou echt de idioterie om structureel te doen wat wij met Frisse Wind doen?”, vraagt ze zich af. Zowel zij als haar medebestuurders zijn minimaal een dag in de week bezig met taken als overleggen met advocaten, contact onderhouden met hun achterban, politici, journalisten en ngo’s, spreken in de Tweede Kamer en het voorbereiden en voeren van rechtszaken. Vooral mentaal is dat een uitputtingsslag. “Van het dozijn stellen met wie we ooit het klapstoelenprotest hebben georganiseerd, zijn veel vertrokken uit het dorp of gestopt met de strijd. Ik vind het soms een wonder dat ik het zelf weet vol te houden.”

"Je kan kiezen tussen vechten of vluchten"

Walvisch is blij dat de Omgevingsdienst inmiddels scherper toezicht houdt, maar de camera’s van Frisse Wind staan nog niet op Marktplaats. “Wij blijven zeker meekijken, omdat we er absoluut niet op vertrouwen dat de Omgevingsdienst altijd even goed optreedt.”
Om dat vertrouwen terug te winnen moet er een systematische oplossing komen. In mei 2024 dient de Partij voor de Dieren een motie in om Tata Steel onafhankelijk te laten controleren. De motie wordt met een meerderheid aangenomen in de Tweede Kamer. Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat onderzoekt momenteel hoe deze motie kan worden uitgevoerd.
Ook voor Hans Dellevoet is de strijd nog niet gestreden. Aan het einde van de Tata Tour laat hij de achterkant van de fabriek zien. We passeren de kade waar bergen steenkool en ijzererts van vrachtschepen worden binnengehaald, en rijden verderop onder de buizen door die schepen vullen met de grondstoffen van Tata Steel. 
Hierna moet Dellevoet snel weg, naar een bezichtiging in Beverwijk, vijf kilometer verderop. Zijn zoon wil daar een huis kopen. “Helaas midden in het postcodegebied waar volgens het Integraal Kankercentrum Nederland het hoogste percentage longkanker voorkomt in deze omgeving”, zegt Dellevoet. 
Hij is duidelijk bezorgd. Maar hij kan zijn zoon niet dwingen om ergens te gaan wonen waar de luchtkwaliteit beter is. “Hij wil in de buurt van zijn vrienden wonen.” En ook Dellevoet overweegt niet om te verhuizen naar een gezondere plek. “Je kan kiezen tussen vechten of vluchten. Als ik vlucht, dan komt de volgende onwetende ziel in mijn huis te wonen. Hier heb ik een stem. Als belanghebbende ben ik gerechtigd om iets tegen het probleem te doen. Als ik in Groningen woon, ben ik dat niet.”

You may also like

Back to Top